08/07/2026
Geertje van den Pol-Wulfsen heeft de zilveren speld regelmatig gedragen en over de herkomst verteld aan haar kinderen. Zij kennen de familie Vecht uit de fotoalbums. De Joodse familie ging altijd graag mee met de uitstapjes van Beekstraatbewoners die door Johannes van den Pol sr. werden georganiseerd.
De zilveren speld van Sophie komt jaren later in bezit van de jongste zoon van Geertje, Cozijn van den Pol. Hij wil dit bijzondere sieraad graag teruggeven aan een vrouwelijk lid van de familie Levie uit Zuidland, waar Sophie op 10 december 1886 werd geboren. Na intensief onderzoek is echter nog geen vrouwelijke nazaat getraceerd.
Hij besluit het sieraad in bruikleen te geven aan Museum Sjoel Elburg. Echter: mocht er onverwacht nog een vrouwelijke nazaat van de Zuidlandse familie Levie opduiken, dan wil Van den Pol alsnog de mogelijkheid hebben de zilveren speld aan haar te overhandigen.
Jacobs oudste zus was Roosje Vecht, die tijdens de Eerste Wereldoorlog als verpleegster werkte bij het Belgische Rode Kruis. Roosje Vecht werd in 1915 dodelijk getroffen door een Duitse granaat. Hulp mocht niet meer baten. Twaalf uur later overleed ze ten gevolge van hevig bloedverlies. Haar laatste woorden waren ‘Nu kan ik niet meer voor mijn arme soldaten zorgen’. Ze werd begraven op het kerkhof van Adinkerke. De kist was bedekt met de Nederlandse vlag. In 1920 werd haar stoffelijk overschot overgebracht naar Nederland en herbegraven op de Joodse begraafplaats te Muiderberg.